Geplaatst door: 
Verhaal

Biografie - Gerard Damveld - Hengelo

Auteur: 
Pel Kotkamp (Poparchief Twente)

Als 12-jarige jongen in 1952 trommelt Gerard op alles wat los en vast zit in huis. Bij de Hengelosche Bierbrouwerij koopt zijn vader een paar biervaten, zaagt ze doormidden en regelt bij het slachthuis een paar gelooide geitenvellen. Deze legt hij een tijd in heet water en spant ze over de vaten, spijkert ze vast met kopspijkers en laat het geheel drogen. Daarmee heb je prachtige trommels met een geweldige klank. Zo oefent Gerard tot hij besluit om drummer te worden en een echt drumstel te huren bij muziekhandel Wibier aan de Voortsweg in Enschede. De huurprijs is 5 gulden en de borg 25 gulden.

Met een paar Enschedese vrienden hebben ze een eerste optreden in de Katholieke Instuif in café Pentrop aan de Oldenzaalsestraat . Onder de naam de Hodge Podge Stompers speelt de groep dixielandmuziek en treden daar in de jaren 1956/57 regelmatig op. Gerard heeft op de bagagedrager van zijn fiets een houten frame gemonteerd en kan zo de base-drum en de bekkens achterop de fiets meenemen naar de optredens. En die volgen snel zoals voor de militairen op de Vliegbasis Twente. Henk Elsink heeft elke zondagavond een show in de bovenzaal van bioscoop Metropole aan de Oldenzaalsestraat in Enschede. In 1957 stopt hij daar mee en verhuist naar het westen. De Hodge Podge Stompers worden gevraagd om daar iedere zondagavond te gaan optreden.

Een jaar lang trekt de band volle zalen. De band bestaat uit; Ben ten Donkelaar -trompet, Freek van Baaren-klarinet, Roel van de Berg-sax, Harry Wiegerink-banjo, Gerard Damveld-slagwerk en een dichter die zich Habakuk noemt op piano. In die jaren worden er veel dansavonden georganiseerd door kerken. Ook in het VIOS-gebouw aan de Beekstraat in Hengelo zijn er regelmatig instuiven waar de band vaak voor wordt gevraagd. In 1958 moet Damveld in militaire dienst en wordt de groep opgeheven. In zijn diensttijd, grotendeels in de Elias Beekman kazerne in Ede-Wageningen, wordt hij al snel gevraagd om in de band te spelen waarin de commandant pianist is. Het wordt een diensttijd met veel muziek en weinig wachtlopen en marsen.

Na dienst drumt Gerard een tijd in de Hengelose dixielandband Hot Club d’Hengelo. Daarin zit o.a. de Hongaarse trombonist Roman Jachimowics en de pianist van Duin die boven Kolsté woont. Er wordt regelmatig opgetreden in het Eigen Gebouw in de Pastoriestraat.

In 1960 vormen Gerard en Lex van Diepen een muzikaal duo. Jarenlang treden zij in de weekends op in vele nachtclubs in Almelo, Enschede en Haaksbergen, in de Zon en in ’t Bölke. Theo Elschot is inmiddels begonnen met zijn Rootie Tootie Club in het Vios gebouw. Gerard verkoopt zijn crèmekleurige Citroën DS aan Theo, koopt zelf een rode DS en hij raakt bevriend met Theo Elschot. Op verzoek van Theo wordt hij de public-relations manager bij de Rootie. Theo op zijn beurt regelt voor het inmiddels met bassist Joep Hoek uitgebreide duo en zich nu noemende Trio Lex van Diepen in het Brabantse Pei en Echt een week lang een optreden tijdens het carnaval.

In 1964, de ‘beattijd’ is nog niet aangebroken, worden er door Theo en Gerard vele jazz, dixieland, skiffle en country-bands naar het Vios gehaald. Alle zaken worden in het door Theo gekochte pand met de bijnaam ‘The Building’ aan het eind van de Industriestraat geregeld. Iedere woensdagavond en zaterdagavond is het volle bak in het Vios. Met Lex van Diepen-toetsen en Vic Goud-gitaar, ontstaat het Damveld Trio.  Het Vios leent zich uitstekend voor hun optredens. Halverwege 1965 wordt Theo door succes van naastgelegen beatclubs min of meer gedwongen om ook beatgroepen te halen. Gerard haalt in dat jaar o.a. The Scorpions, The White Rockets (later The Buffoons), The Honest Men naar de Rootie en via impresario’s contracteert Gerard The Searchers en The Swinging Blue Jeans. Theo heeft in zijn gedachten om een muziekblad te gaan uitgeven. Het blad dat Rootie Tootie Yes moet gaan heten, ziet echter nooit het daglicht. De gedachten van Theo zijn te wild. Zo wil hij ook tv-zendtijd aanvragen. De plannen voor de zendtijdvergunning liggen al klaar. Het komt er toch niet van. Als Elschot per 1 januari uit het Vios moet, besluiten ze hun club voort te zetten in café Beltman in de Anninksweg (later Anninkshook) . De Rootie zit daar tot 1968.

Het Damveld Trio gaat zich meer toeleggen op de muziek van die jaren en ze besluiten meer top-40 nummers te gaan spelen. Uiteraard zijn er avonden in Beltman, maar ook in De Walvis (eigenaar is Theo Elschot en in 1968 terug in het Vios), in de Leeuwenbar achter Hotel Falkmann en in Anninkshook, waar Henk van der A de scepter inmiddels zwaait.Op een gegeven moment worden alle activiteiten met Theo zoals de platenwinkel die erbij komt, de broodjeszaak Rootie Tootie Quicky Snack voor Gerard te veel en hij gaat zich meer concentreren op de muziek.

Hij heeft ondertussen in 1967 de groep Bled gevormd. Vanuit het Clubcircuit komen veel aanvragen voor optredens. Altijd zes dagen in de week. De bekendheid neemt toe. De groep wordt gevraagd als begeleidingsband van het Trio Hellenique en doet dat twee jaar lang. Bled treedt op voor de US Forces in Duitsland en heeft een tv optreden. De Bled groep bestaat uit de Joegoslaaf Gradimir Karakusevic, die voor het gemak Jimmy wordt genoemd als zanger, Tony Taphoorn-bas later opgevolgd door Frans Meinicke, Woud Heidstra-toetsen en Gerard Damveld-slagwerk. In Enschede zijn ze de huisband bij Modern in de Eldorado Club. Ze spelen 6 dagen in de week. Op de woensdag is het tienerbal waar ze onder anderen op 5 februari 1968 met The Cats samenspelen en op 9 april 1968 met The Shoes. De groep heeft in 1968 drie grammofoonplaten gemaakt, met de titels, 'In Iedere Stad', 'Bled Colo' en 'Casatchok'. Het nummer 'Bled Colo' heeft de nummer 1 positie gehaald op de hitparade van Luxemburg. Daarna krijgt de band een contract met de Amerikaanse Ambassade in Bad Godesberg in Duitsland. Ze worden gevraagd om 6 dagen in de week van 19.00 uur tot 24.00 uur de muziek te verzorgen. De eerste uren is dat tijdens het diner en spelen ze achtergrondmuziek. Daarna wordt het dansmuziek, veel populaire nummers, maar ook jazzy nummers met een knipoog naar commercie. Veel ‘standards’ uit ‘The American Songbook’ worden ten gehore gebracht. Dat bevalt het publiek. Zeer regelmatig wordt er een biljet van 50 dollar op de piano gelegd om onder anderen nog weer eens 'Strangers in the Night, of een Dean Martin song te spelen. Vele maanden spelen ze voor de diplomaten en er ontstaat een affiniteit die de band veel ‘tips’ oplevert. Iedereen heeft voorkeur voor bepaalde liedjes en het levert avond aan avond een paar honderd dollar extra op. Bovendien krijgen de bandleden een toegangskaart voor de taxfree winkel PX. Daar worden grammofoonplaten aangeschaft die in heel Europa niet te krijgen zijn, maar ook overhemden en andere kleding voor extreem lage prijzen. Prettig is dat een fles Johnny Walker voor 2 dollar heel normaal is. Ondanks het grote succes stopt deze band in 1970. Direct daarna wordt nog de band Purple Haze gevormd met Frans Meinecke, Ad Wagemaker en Cees Groen. Damveld werkt in die jaren met veel bekende artiesten.  Zo is hij drummer voor Nico Haak, Conny Vink, Imca Marina, Willi Alberti en ook voor Gert en Hermien Timmerman.

Het vele reizen wordt Gerard echter te veel en hij besluit het rustiger aan te gaan doen. Maar het drummen kan hij niet laten. Hij treedt toe tot het al lang en goed bekende kwartet van Herman Lippinkhof, samen met Henk Bokdam-bas en Dick Wiggers-toetsen. Ze nemen de plaat 'Edelweiss' op en die wordt een succes. In heel Nederland zijn optredens en het zijn feestelijke jaren.

In 1973 beginnen de Damvelds een horecabedrijf in Delden op camping Westerholt. Af en toe pakt Gerard de drumsticks weer eens op. Zo speelt hij bij de hobbyband de Salt City Stompers, een dixieland band uit Delden. En vanaf 1974 speelt hij in The Swing Set, het huisorkest van De Kater in Enschede. Elke dinsdagavond speelt het kwartet, naast Gerard bestaande uit Dick Vogelenzang-sax, Wim Lammerink-toetsen en Henk Bleuming-bas in dit café. Er wordt veel ‘gejammed’. Vaak spelen Willy van Diepen of Paul Woesthuis met het kwartet mee. Of ze spelen samen met Darius Dhlomo, die ook wel bekend is met zijn eigen band The Timpany SixThe Swing Set wordt uitgenodigd om in de U.S.A te spelen. In Miami spelen ze twee weken in de jazzclub Twelve Caesars met veel succes.

In 1983 stopt het bedrijf in Delden. De muziek stopt daarentegen helemaal niet. Damveld drumt in vele bands zoals in de band van Darius Dhlomo and his Swinging Five met Henk Bleumink-bas, Dick Vogelenzang-sax, Wim Lammerink-piano en Darius als zanger. Of Gerard begeleid artiesten als Rita Reys, Lee Towers, Bennie Neyman of Ruth Jacott. Maar er zijn er veel meer. Hij speelt in Gerard’s Swing Specials 15 dagen in een luxe bungalowpark op Gran Canaria met Henk Bernard, Bert Kuipers en Albert Schippers.

Half jaren 80 heeft Henk Bernard een avond aangenomen om op te treden op een feest van een multimiljonair net over de grens in Duitsland. Hij vraagt Gerard Damveld en Bert Kuipers om mee te doen op die party. Ze zullen gaan spelen van 19.00 uur tot 21.00 uur. Deze 2 uurtjes leveren maar liefs 1000 D-mark op. De eigenaar heeft speciaal een witte vleugel gehuurd om het feest aanzien te geven. De muziek bevalt zo goed, dat de eigenaar om 21.00 uur naar de band toe komt, duizend Mark neerlegt om nog even door te spelen. Dat doen ze met veel plezier, vooral nadat zijn vrouw nog eens 500 Mark neerlegt om een bepaald nummer nog weer eens te spelen. Uiteindelijk is het feest ’s-nacht om half 5 afgelopen en rijdt de band terug naar Hengelo met 4500 DM op zat. Dit is in al die jaren nooit weer meegemaakt.

Een zwarte periode is voor de familie Damveld het jaar 1997. Zoon Dominic Damveld is al enige tijd vaste drummer in één van de bekendste en meest geliefde showbands van Nederland, de First Showband. Deze band begeleid nationale en internationale artiesten zoals René Froger, Gerard Joling, Lee Towers, Marco Borsato, Tom Jones en Paul Anka. Bij een ongeluk in september 1997, na een optreden met Frans Bauer, slaat de tourbus door een mankement over de kop. Dominic Damveld en bassist Henri Maaskamp komen daarbij om het leven.

Al in 1975 is vanuit De Kater een jazz trio opgericht. Al die jaren is die groep blijven bestaan onder de naam; Cooper, Damfield en Limeborough  (Bert Kuipers, Gerard Damveld en Jaap Liemburg). Met dit trio wordt gespeeld in jazzclubs in Zweden, Spanje, Duitsland en op privé-avonden. Hun favoriete muziek is swing, boogiewoogie, blues en jazz en is heden ten dage nog steeds te beluisteren.

Verantwoording
Dit artikel is tot stand gekomen op basis van een interview met Gerard Damveld, door Pel Kotkamp op 18-02-2015 en 21-05-2015.

Reacties